Motivatie Screening


Bij een motivatie onderzoek denk je misschien aan jongeren die geen zin of puf hebben om energie in hun huiswerk te steken. Die slechte cijfers halen en dat misschien niet eens erg vinden. Niets is minder waar. Elke jongere is wel gemotiveerd om tot prestatie te komen, maar ergens is er een blokkade opgetreden. Bij een motivatieonderzoek ben je steeds op zoek naar die tegenkrachten.


Denk maar aan jongeren waarbij perfectionisme een rol speelt en wel een gedrevenheid is om te presteren. Bij hen is het belangrijk alert te zijn op faalangst. Aan de ene kant zie je de behoefte aan meer rust, ruimte en aan de andere kant staat steeds het gevoel; ik ben alleen maar waardevol wanneer ik presteer, wanneer ik productief ben. Emoties schaamte, schuld, boosheid en angst spelen onderhuids een grote rol. De stress kan uiteindelijk te veel worden en de prestatie negatief beïnvloeden.


In dit voorbeeld zie je een directe link met de prestatie. Faalangst, stress en minder presteren. Die samenhang is niet altijd zo duidelijk. Denk maar aan pesten op de basisschool, het overlijden van een ouder, een verhuizing naar een andere stad. Gebeurtenissen en ervaringen uit het verleden kunnen een grote rol spelen en hebben geen direct verband met de prestatie. Maar ook de toekomst kan van invloed zijn. Je ziet in het laatste jaar voor het examen (5 vwo en 4 havo) jongeren vastlopen vanuit een onzekerheid en onduidelijkheid over hun toekomst. Ben ik er wel klaar voor?


Het Motivatie Zelfonderzoek (MZO) is geschikt in alle situaties waarbij de cijfers opeens minder worden, er een innerlijke strijd of worsteling lijkt plaats te vinden, er een belemmering lijkt te ontstaan die het presteren in de weg staat. We kijken niet alleen naar wat er AFwezig is; zoals gebrek aan motivatie, studievaardigheden of discipline. Maar vooral naar wat er AANwezig is!


Wat laat de MZO screening zien?


De screening geeft informatie over:


  • de motivatie en beleving van slechte cijfers en rapporten door de leerling

  • inzet, zelfcontrole, doorzettingsvermogen, afleidingen en studievaardigheden bij het huiswerk maken

  • overtuigingen zoals “Het heeft toch geen zin om te werken”, “Ik moet naar school van mijn ouders”, “Ik ben gewoon niet zo slim” etc.

  • belemmeringen zoals: faalangst, niveau, concentratieproblemen en invloed van problemen.

  • de relatie tot de omgeving: vrienden (sociaal netwerk) en school. (Vindt de leerling school leuk, voelt hij/zij zich gesteund door docenten en mentor)

  • relatie tot de ouders: ervaart de leerling de betrokkenheid van ouders als ondersteunend, té controlerend en vraagt de leerling zelf om hulp.


Verder lezen over de methode kan hier


Alle rechten voorbehouden © 2015 - 2020  Talenteer Jezelf  -